Jarenlang vertrok de participatiepas in Dilbeek vanuit dat eenvoudige principe. Wie het financieel moeilijk had, kreeg tot 80% korting op sport, cultuur, kampen, speelplein, verenigingen, het zwembad of het buurtrestaurant. Kinderen, jongeren, volwassenen en ouderen konden deelnemen aan het leven in onze gemeente.

Het bestuur verwijst naar activering als motief voor deze hervorming. Maar vrijetijdsparticipatie ís sociale activering.

Vrije tijd is geen kost voor de gemeente, maar een investering die zich terugbetaalt. Het is waar kinderen talent ontwikkelen. Waar jongeren zelfvertrouwen opbouwen. Waar gezinnen verbonden raken met hun omgeving. Waar Nederlands wordt geoefend en integratie concreet vorm krijgt. Waar vakantiekampen ouders toelaten om te werken. In sportclubs, jeugdbewegingen en cultuurhuizen worden verschillen kleiner in plaats van groter.

Dat verandert nu fundamenteel.

De nieuwe regeling beperkt de pas tot kinderen van 0 tot 12 jaar in de laagste inkomenscategorie van het Groeipakket. De korting daalt naar 50% en geldt enkel nog voor voor- en naschoolse opvang. Sport, cultuur, kampen en verenigingen verdwijnen uit beeld.

Wat een brede participatiepas was, wordt zo herleid tot een kortingspas voor opvang.

Wie verdwijnt uit het systeem?

In 2024 maakten 1.686 inwoners uit 685 gezinnen gebruik van de participatiepas.
Daaronder 780 kinderen en jongeren tot 18 jaar, waarvan 320 tussen 13 en 18 jaar.

Minstens die 320 jongeren verliezen automatisch hun recht.

Ook volwassenen maakten intensief gebruik van het systeem. In het buurtrestaurant alleen al werden 14.562 maaltijden aan sociaal tarief genuttigd. Dat is geen detail. Dat is structureel gebruik.

Vandaag vallen jongeren ouder dan 12, volwassenen en ouderen in een armoedecontext simpelweg uit de regeling.

13% van de inwoners in Dilbeek heeft recht op verhoogde tegemoetkoming. Dat is geen randgroep. Dat is een realiteit in onze gemeente.

Van recht naar aanvraag

Wie geen recht meer heeft, moet voortaan naar het OCMW. Aanvragen indienen. Sociaal onderzoek ondergaan. Wachten op een beslissing.

Wat vroeger een automatisch recht was op basis van inkomen, wordt nu een individuele hulpvraag.

En niet iedereen durft die stap te zetten.

De gemeente voorziet 15.000 euro voor individuele tussenkomsten, terwijl vandaag ongeveer 55.000 euro wordt ingezet voor brede participatie. Dat betekent dat men zelf verwacht dat minder mensen steun zullen krijgen, of vragen.

De drempel wordt hoger.

Wat betekent dit voor verenigingen?

Vroeger werden verenigingen gedeeltelijk gecompenseerd voor sociale kortingen. Toegankelijkheid was een gedeelde verantwoordelijkheid.

Vandaag verdwijnt die compensatie. Er is geen budget meer voor gederfde inkomsten. Enkel extra subsidiepunten binnen een beperkte subsidiepot.

Dat betekent dat verenigingen elkaars concurrent worden voor sociale middelen. Toegankelijkheid wordt afhankelijk van hun financiële draagkracht.

En tegelijk geeft de gemeente zelf niet langer het goede voorbeeld: op het eigen aanbod wordt geen sociaal tarief meer voorzien.

Hoeveel bespaart het bestuur eigenlijk?

In 2024 bedroegen de totale zogenaamde “gederfde inkomsten” – kortingen die bewust werden toegekend om deelname mogelijk te maken – ongeveer €107.308.

Daarvan ging:

  • €40.411 naar sport, cultuur, speelplein, zwembad, bibliotheek en Dil’Arte
  • €15.770 naar steun voor verenigingen
  • €56.432 naar buitenschoolse opvang

Het brede vrijetijdsluik (sport, cultuur en verenigingen samen) bedraagt dus ongeveer €56.000 per jaar.

In het nieuwe systeem voorziet de gemeente nog €15.000 voor individuele tussenkomsten via het OCMW.

Dat betekent dat de effectieve besparing ruwweg €40.000 per jaar bedraagt.

Voor die besparing verdwijnt de structurele ondersteuning die honderden gezinnen toegang gaf tot sport, cultuur en verenigingsleven.

Dat is geen technische bijsturing.

Dat is een bewuste financiële én politieke keuze over waar we als gemeente op inzetten – en waar niet.

Waarom kiest Dilbeek voor de omgekeerde beweging?

Vanaf 2027 verhoogt Vlaanderen het budget voor cultuur- en vrijetijdsparticipatie met 21%, tot 2 miljoen euro per jaar. De boodschap is duidelijk: vrije tijd mag geen luxe zijn. Lokale besturen worden aangemoedigd om drempels te verlagen en instrumenten zoals de UiTPAS uit te bouwen.

En net dan beslist Dilbeek om haar participatiepas te beperken.

Opmerkelijk: Dilbeek stapte jarenlang niet in de UiTPAS, met het argument dat de gemeente een eigen sterk systeem had. Net dat eigen systeem wordt nu uitgehold — zonder alternatief.

Waar Vlaanderen inzet op méér toegankelijkheid, kiest Dilbeek voor minder.
 Waar bovenlokaal wordt geïnvesteerd in kansen, wordt lokaal het instrument afgebouwd dat die kansen mogelijk maakte.

Dat is geen nuanceverschil. Dat is een keuze in tegengestelde richting.

Een fundamentele beleidsverschuiving

Wat hier gebeurt, is meer dan een technische aanpassing.

We verschuiven:

  • van vertrouwen naar controle
  • van automatische rechten naar individuele screening
  • van brede participatie naar strikte selectie

Wat willen wij?

Voor Denk Dilbeek moet het omgekeerd.

Meer participatie, niet minder.
Geen harde knippen, maar een getrapt systeem: wie het minst heeft, krijgt de hoogste korting. Wie net boven een grens zit maar het moeilijk heeft, krijgt ook ondersteuning – zij het lager.

Zo maak je echt het verschil tussen gelijkheid op papier en gelijke kansen in de praktijk.

Vrije tijd mag geen luxe worden.
Niet in Dilbeek.